In dit webartikel worden mogelijke actierichtingen uitgewerkt voor het doel ‘zorgen voor een ouderenvriendelijke leefomgeving’. Dit doel hoort bij de maatschappelijke opgave: ‘de groep thuiswonende ouderen met dementie en andere complexe problematiek wordt veel groter’. Andere doelen die voor deze opgave zijn uitgewerkt zijn ‘betere zorg en ondersteuning voor zelfstandig wonende ouderen  en ‘goed zorgen voor mantelzorgers. De opgave rond zelfstandig wonende ouderen kan niet los gezien worden van de zorg voor ouderen in een verpleeghuis. Dat onderwerp komt in dit webartikel niet aan de orde maar wordt behandeld in de Themaverkenning ‘Zorgvraag van de toekomst. Een beschrijving van de opgave vindt u in het webartikel ‘Wat is de opgave’.

Dit webartikel is gebaseerd op de opbrengsten van een brede stakeholderbijeenkomst met (ervarings)deskundigen op het gebied van preventie, zorg en kwaliteit van ouderen.Deze opbrengsten zijn verder aangevuld en verrijkt met literatuur en inspirerende en goede voorbeelden. De verschillende doelen voor deze opgaven zijn op basis van de stakeholderbijeenkomst geformuleerd. Per doel wordt (op hoofdlijnen) geschetst wat er op dat gebied al gebeurt, wat eventuele andere of aanvullende opties zijn, en wie daaraan kan bijdragen. Dit webartikel heeft tot doel om inzicht te geven in wat volgens stakeholders de belangrijkste actierichtingen zijn om met deze opgave om te gaan. Het geeft geen uitputtend overzicht van alle mogelijke actierichtingen.

Belangrijkste actierichtingen:

  • Houd rekening met wat er nodig is om gezond, veilig en prettig oud te worden bij het inrichten van de leefomgeving (steden, publieke ruimte, woningen). Dit vraagt samenwerking tussen overheid, ouderen, zorgpartijen en vastgoedontwikkelaars, zowel op lokaal als landelijk niveau.
  • Zorg voor een gebalanceerd beeld over ouderen en ouder worden: meer aandacht voor datgene wat ouderen nog wél kunnen, is belangrijk bij het ouderenvriendelijk maken van de samenleving. Hier liggen taken voor cliënten- en patiëntenverenigingen, ouderenorganisaties, gezondheidsfondsen en zorg- en welzijnsprofessionals.

Zorgen voor een ouderenvriendelijke leefomgeving

In het Trendscenario van de VTVIn de Volksgezondheid Toekomst Verkenning (VTV) rapporteert het RIVM elke vier jaar over de ontwikkeling van de volksgezondheid in Nederland.-2018 neemt het aantal ouderen in Nederland tussen nu en 2040 fors toe. Dit heeft gevolgen voor de volksgezondheid. Ouderen hebben vaker dan jongeren meerdere chronische aandoeningen tegelijkertijd (multimorbiditeit). Bovendien hebben ouderen ook vaker last van specifieke ouderdomsaandoeningen, zoals artrose of dementie, én combinaties van ongemakken (geriatrische syndromen), zoals vallen, geheugenproblemen, gezichts- en gehoorstoornissen, beperkingen in het dagelijks functioneren, incontinentie, eenzaamheid en polyfarmacie (het gebruik van meerdere geneesmiddelen tegelijkertijd) (1-3). Ouderen zullen tussen nu en 2040 vaak langer thuis wonen en vaker alleen. Een deel van de zorgvraag van ouderen kan worden opgevangen door aanpassingen in de leefomgeving en dit kan soms ook helpen een zorgvraag te voorkomen (preventie). Het creëren van een goede fysieke en sociale leefomgeving voor ouderen is daarom een belangrijk maatschappelijk doel. Hier liggen niet alleen taken voor de nationale overheid, maar ook voor gemeentes, ouderenorganisaties, vastgoedontwikkelaars, zorginstellingen, zorgprofessionals en kennisinstituten.

Ouderenvriendelijke leefomgeving

Gezond ouder worden: stedenbouw en publieke ruimte…

Andere manieren van het inrichten van steden en de publieke ruimte kunnen bijdragen aan het creëren van een goede fysieke en sociale leefomgeving. Het kan hierbij gaan om een heel breed scala aan maatregelen, zoals het zorgen voor een schone en veilige buurt óf het behouden van bepaalde voorzieningen, zoals winkels, horeca, bushaltes, een postpunt of een geldautomaat. Ook technologische innovaties, zoals zelfrijdende vervoersmiddelen, kunnen helpen bij het behoud of het vergroten van de mobiliteit en het sociale netwerk van ouderen. Maar het kan ook gaan om kleinschalige maatregelen, zoals het plaatsen van bankjes langs populaire wandelroutes, zorgen voor schaduwrijke omgevingen tegen hittestress of het verlagen van stoepranden. Het gezamenlijk briefadvies Who Cares van de Rijksbouwmeester, de Raad voor de Volksgezondheid en Samenleving en Stichting Humanitas geeft hiervoor handreikingen (4). Voor mensen met dementie is het bijvoorbeeld belangrijk dat het huis en de omgeving ‘leesbaar’ zijn: een kamer, gebouw of straat moet zichtbare aanwijzingen geven over waar mensen zijn, wat er van ze verwacht wordt of waar ze naartoe moeten gaan. Denk hierbij aan het duidelijk markeren van de ingang van een gebouw of het onderscheidend maken van rijtjeshuizen. Daarnaast kan de omgeving ook helpen bij het stimuleren van maatschappelijke participatie van ouderen of mensen met dementie, bijvoorbeeld via dagbesteding in een groene omgeving in de stad, zoals dagbesteding op stadsboerderijen, buurttuinen en tuinen bij zorginstellingen (5), of op het platteland zoals dagbesteding op zorgboerderijen (6).

…én huisvesting

Ook huisvesting speelt een belangrijke rol bij gezond en gelukkig oud worden. Vooral voor ouderen in steden geldt dat woningen niet altijd geschikt zijn om zelfstandig in te blijven wonen (bijvoorbeeld portiekwoningen). Ook ontbreekt het ouderen vaak aan middelen om de woning goed aan te passen (7). Er zijn echter steeds meer nieuwe woonvormen in opkomst. Hierbij gaat het vaak om woonvormen die én aangepast zijn aan de lichamelijke beperkingen en/of gezondheidsproblemen van ouderen én tegemoet komen aan de behoefte aan sociaal contact. Denk hierbij aan wijkgerichte hofjes, woongroepen of woonvormen voor bepaalde groepen migrantenouderen of. Ook het ‘oude’ concept van de seniorenflat is aan een revival bezig. Het biedt de mogelijkheid om langer zelfstandig te wonen en faciliteert ook ontmoeting en sociale cohesie door bijvoorbeeld de inpandige koffie/eetgelegenheden, winkels of kapper (4, 8). Nieuwe en kleinschalige woonvormen kunnen ervoor zorgen dat ouderen ook zonder alleen thuis te wonen toch langer zelfstandig kunnen wonen zonder in een sociaal isolement terecht te komen.

Valpreventie: een combinatie van aanpassen van leefomgeving en gedrag

Valpreventie: een combinatie van aanpassen van leefomgeving en gedrag

Veel ouderen vallen weleens. De gevolgen hiervan kunnen groot zijn, zoals een gebroken heup of hersensletsel. In 2016 zorgden valincidenten onder 65-plussersvoor ongeveer 96.000 behandelingen op de spoedeisende hulp (SEHSpoedeisende hulp). In ruim 37.000 gevallen werd na behandeling op de SEH overgegaan tot ziekenhuisopname (9). Valpreventie kan in potentie dus heel wat opleveren.

Veel bestaande interventies zetten vooral in op het gedrag en zijn daarin vaak ook effectief. Zo combineert de interventie Vallen Verleden Tijd het trainen op dagelijkse situaties (bijvoorbeeld via een hindernisbaan) met spelvormen die de snelheid en richting veranderen, waardoor ook het aanpassingsvermogen van ouderen wordt gestimuleerd. Daarnaast besteedt het programma ook aandacht aan het zo goed mogelijk vallen en meer beweging. Het programma is effectief in het verminderen van valincidenten. Naast het trainen op vallen en gevaarlijke situaties, speelt ook vermindering van bezorgdheid over vallen een rol. Het programma Zicht op Evenwicht zet daarom juist in op het omgaan met de angst voor vallen onder ouderen en het daaruit voortvloeiende vermijdgedrag, met goede resultaten.

Maar bij valpreventie gaat het vaak om zowel het aanpassen van het gedrag als de leefomgeving. Het is ook nodig om de valrisico’s in en om het huis goed in kaart te brengen en waar nodig aan te passen. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om drempels en trappen in huis en losliggende stoeptegels en hoge stoepranden buiten. De Health Impact Bond Valpreventie van VeiligheidNL en Vilans, waarbij ook private partijen kunnen investeren, geeft aanknopingspunten om op lokaal niveau dit soort geïntegreerde programma’s op te zetten (10).

Naast deze voorbeelden staan er in de interventiedatabase het Loket Gezond Leven van het RIVM nog veel andere interventies.

In dit achtergronddocument vindt u meer informatie over het erkenningsniveau van deze interventies. 

Ouderenvriendelijke leefomgeving: welke actierichtingen zijn er en wie speelt daarbij een rol?

Wat zijn handelingsopties/actierichtingen? Wie kan daarbij een rol spelen?

Flexibilisering bestaande regels rond ruimtelijke ordening en huisvesting om te kunnen experimenteren met nieuwe woonvormen of het aanpassen van de bestaande woningvoorraad

  • Gemeenten
  • Provincies
  • Nationale overheid (ministerie van Binnenlandse Zaken)

Betrekken van ouderen, mantelzorgers en zorgverleners bij het vormgeven van huisvesting of omgevingsaanpassingen

  • Cliënt- en patiëntenorganisaties
  • Ouderenorganisaties
  • Organisaties van mantelzorgers
  • Zorginstellingen en –ondernemers
  • Zorgprofessionals
  • Gemeenten
  • Projectontwikkelaars
  • Architecten
  • Woningbouwcorporaties

Financiering van innovatieve en nieuwe vormen van ouderenhuisvesting

  • Nationale overheid (ministerie van Binnenlandse Zaken, ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport)
  • Pensioenfondsen
  • Woningbouwcorporaties
  • Gemeenten
  • Zorgverzekeraars

Zorgen voor een goede kennisbasis voor de relatie tussen gezondheid, huisvesting en leefomgeving

  • Kennisinstituten
  • Hogescholen
  • Universiteiten

Ouderenvriendelijke samenleving

Op weg naar een inclusieve, ouderenvriendelijke samenleving

Naast de fysieke leefomgeving is ook de sociale en inclusieve leefomgeving een belangrijke factor bij healthy ageing. Schone, veilige en rustige buurten verhogen het gevoel van leefbaarheid en de fysieke leefomgeving kan uitnodigen tot ontmoetingen en op die manier zorgen voor meer sociale cohesie. Naast mantelzorgers spelen ook buren vaak een belangrijke rol bij de (vaak heel praktische) ondersteuning van thuiswonende ouderen. De groei van het aantal ouderen zorgt ook voor specifieke uitdagingen. Zo zal een groot deel van de mensen met (beginnende) dementie nog zelfstandig wonen. Dat betekent dat ook dat de samenleving inclusiever en bewuster moet worden van wat dementie is en hoe je daarmee om kan gaan (11). De samenwerkende organisaties van het Deltaplan Dementie zijn daarom in mei 2016 een actie gestart om Nederland ‘dementievriendelijk’ te maken (8). Want ook voor kwaliteit van leven van mensen met dementie is het contact houden met de directe omgeving en het zich thuis voelen essentieel (11). Zo worden er steeds meer trainingen gegeven aan bijvoorbeeld medewerkers van supermarkten, openbaarvervoersbedrijven, gemeentes of horecapersoneel over hoe je het beste met mensen met dementie kan omgaan. 

Teylingen: een dementievriendelijke gemeente

In 2013 sloegen in Teylingen (Zuid-Holland) de gemeente, huisartsen, woonstichtingen, welzijns- en zorgorganisaties en een lokale voetbalclub de handen ineen in het Zorgpact Teylingen. Eén van de doelen van het zorgpact was om ouderen in Sassenheim, Voorhout en Warmond zo lang mogelijk veilig en zelfstandig te kunnen laten wonen. Hiervoor werd bijvoorbeeld een mobiele zorgserre ontwikkeld die gemakkelijk aan een eengezinswoning kan worden aangesloten (12-13).

In 2016 startte het zorgpact met het actieprogramma Dementievriendelijk Teylingen, met als inzet om mensen met (beginnende) dementie veilig en prettig  te kunnen laten wonen. In het kader hiervan werd een bewustwordingscampagne opgestart om inwoners bekend te maken met de signalen van dementie, en te informeren over waar men terecht kan met vragen en hoe men het beste om kan gaan met mensen met dementie (12).

Naast de vrijwilligers en medewerkers van het al langer bestaande Ontmoetingscentrum Dementie, werden ook vrijwilligers van buurtkamers getraind in het ondersteunen van mensen met dementie en hun mantelzorgers. Ook het personeel van het zwembad werd getraind. Het zwembad trekt immers veel ouder wordende zwemmers en sommigen van hen hebben (beginnende) dementie. Daarnaast kreeg ook het project DementTalent een stevige impuls. Hierbij wordt gekeken naar wat de talenten van iemand met dementie zijn. Op basis daarvan wordt gekeken welke vrijwilligersfuncties deze persoon in de maatschappij kan en wil vervullen (12).

Ouderenvriendelijke samenleving: welke actierichtingen zijn er en wie speelt daarbij een rol?

Wat zijn handelingsopties/actierichtingen? Wie kan daarbij een rol spelen?

Verspreiding van een gebalanceerd beeld van ouder worden: gebreken en beperkingen – ook bij dementie – betekenen niet altijd een eind van een actief en zinvol leven.

  • Cliënten- en patiëntenverenigingen
  • Ouderenorganisaties
  • Gezondheidsfondsen
  • Zorg- en welzijnsprofessionals

Bestaande initiatieven zoals de Dementievriendelijke Samenleving verbreden tot de inclusieve Ouderenvriendelijke Samenleving.

 

  • Nationale overheid (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport)
  • Gezondheidsfondsen
  • Supermarkten en detailhandel
  • Werkgevers
  • Openbaarvervoerbedrijven
  • Partijen van het Pact voor de ouderenzorg

Aandacht voor een gebalanceerd beeld van ouderen en ouder worden in zorgopleidingen

 

  • Zorgopleiders (mboMiddelbaar beroepsonderwijs , hboHoger beroepsonderwijs , woWetenschappelijk onderwijs )
  • Ethici
  • Ervaringsdeskundigen
  • Beroepsverenigingen

Combineren van scholen, kinderopvang of studentenhuisvesting en ouderenvoorzieningen

  • Gemeenten
  • Kinderopvangorganisaties
  • Onderwijsinstellingen en –verbanden
  • Universiteiten
  • Woningbouwcorporaties